vrijdag 7 oktober 2011

Knolselder


Knolselder heeft een vlezige wortel waaraan hij zijn naam dankt en sterk aromatische bladeren. Hij was al bekend in het oude Egypte.


Hij bevat veel ijzer en vitamine C en redelijke hoeveelheden calcium en kalium. Hij heeft wel een hoog gehalte aan natrium dus oppassen met extra zoutgebruik. Omwille van dit natrium wordt gedroogde en gemalen knolselder ook wel eens gebruikt in de zoutarme keuken.

Je kan knolselder gemakkelijke enkele weken in de koelkast bewaren gewikkeld in een plastieken zak met wat verluchtingsgaatjes. Bedenk wel dat dikke knollen minder lang bewaren dan de kleinere exemplaren. Let er bij aankoop op dat de knol zwaar weegt en niet te hol klinkt. Koop hem bij voorkeur met het blad er nog aan. Dat is in het begin van het seizoen meestal het geval en het geeft je een indicatie over de versheid.

Hij moet altijd geschild worden maar wees niet te zuinig zodat je alle bitterheid die vlak onder de schil zit ook mee hebt. Ook aan de onderzijde, waar de wortels zitten, verlies je een deel. Uiteindelijk blijft er van een knol ongeveer drie vierde over.

Knolselder kan je rauw, gekookt en gepureerd eten. Ook de groene stengels kan je, ondanks hun bitterheid, in de soep gebruiken

Lekker te combineren met knoflook, tijm, oregano, koriander of venkelzaad.

Geen opmerkingen: